Reflectie CRa op Ontwerp-Nota Ruimte
Details
CRa reflectie on the Ontwerp-Nota Ruimte ‘Richting geven en wendbaar blijven’
Lees en download de reflectie als pdf
In de reflectie op de Ontwerp-Nota Ruimte ‘Richting geven en wendbaar blijven’ roept het College van Rijksbouwmeester en Rijksadviseurs (CRa) het kabinet en Tweede Kamer op de Nota als belangrijk ruimtelijke ordeningsinstrument te omarmen en in te zetten. Een noodzakelijke volgende stap is het bij elkaar brengen van sectorale uitdagingen, conflicterende belangen af te wegen en te zorgen dat nationale keuzes aansluiten bij regionale en bij Europese opgaven en kansen. Shera van den Wittenboer, bestuurslid NVTL, heeft als Adviseur Landschap en Erfgoed bij het CRa meegeschreven aan de reflectie:
“De Ontwerp-Nota Ruimte markeert een belangrijk moment: na een periode van relatieve afwezigheid neemt het Rijk opnieuw regie op de ruimtelijke ordening. In een tijd waarin grote opgaven samenkomen – klimaatverandering, woningbouw, energietransitie en veranderingen in landbouw en economie – is zo’n nationaal kader onmisbaar. De Nota laat zien dat keuzes nodig zijn over hoe, waar en waaraan ruimte wordt gegeven, en dat daarvoor verder vooruit moet worden gekeken dan de gebruikelijke beleidscycli.
Tegelijkertijd ontstaat deze nieuwe rijksregie in een andere context dan bij eerdere ruimtelijke nota’s: Schaarste aan ruimte, energie, water, arbeid en grondstoffen begrenst de bandbreedte van keuzes, terwijl onzekerheden – zoals zeespiegelstijging of demografische ontwikkelingen – vragen om flexibiliteit en aanpassingsvermogen. Dat betekent dat een Nota Ruimte niet alleen richting moet geven, maar ook moet kunnen omgaan met onzekerheid. In plaats van één vast toekomstbeeld vraagt de huidige tijd om een instrument dat koersvastheid combineert met wendbaarheid. Dat vraagt om een cultuur van adaptatie: nu handelen, maar tegelijkertijd blijven leren, bijsturen en vooruitdenken richting de lange termijn.”
“De Ontwerp-Nota legt daarvoor een sterke basis. Met name in het hoofdstuk over water en bodem worden richtinggevende systeemkeuzes gemaakt die raken aan de fundamenten van de Nederlandse ruimtelijke ordening. Zo wordt erkend dat de beschikbaarheid van zoetwater niet langer overal vanzelfsprekend is en dat het water- en bodemsysteem richtinggevend moet zijn voor andere functies zoals wonen, landbouw en economie. Deze keuzes zijn inhoudelijk sterk en bieden houvast voor de richting waarin Nederland zich ruimtelijk ontwikkelt. Ook de kaarten en het ontwerpend onderzoek in de Nota helpen om de samenhang tussen opgaven zichtbaar te maken en de ruimtelijke consequenties van keuzes beter te begrijpen.
Tegelijkertijd vraagt de verdere uitwerking van de Nota om nog meer scherpte. Op verschillende punten blijft de doorkijk naar de langere termijn – bijvoorbeeld richting 2100 – beperkt, terwijl juist die horizon nodig is om huidige investeringen te toetsen op hun toekomstbestendigheid. Daarnaast is meer houvast nodig voor situaties waarin doelen met elkaar schuren, bijvoorbeeld tussen woningbouw, waterveiligheid, natuur en landbouw. Ook vraagt de doorwerking van systeemkeuzes naar concrete functies en gebieden om verdere concretisering, zodat provincies en gemeenten duidelijker weten waar zij op kunnen sturen. Het expliciteren van afwegingskaders, het verbinden van nationale doelen met ruimtelijke keuzes en het versterken van de gebiedsgerichte aanpak kunnen hierbij helpen. Ik heb goede hoop dat er voldoende politiek draagvlak is om die slag te maken naar de definitieve Nota Ruimte. In combinatie met een goede uitvoeringsagenda kan dit de stap maken van richtinggevende visie naar daadwerkelijk handelingsperspectief voor Rijk, regio en lokale overheden.”